Mercedes-Benz A-Klasse: Veiligheidsgordels omgespen en instellen - Veiligheidsgordels - Veiligheid voor inzittenden - Veiligheid - Mercedes-Benz A-Klasse - InstructieboekjeMercedes-Benz A-Klasse: Veiligheidsgordels omgespen en instellen

De veiligheidsaanwijzingen met betrekking tot de veiligheidsgordel  en de aanwijzingen met betrekking tot het correcte gebruik van de veiligheidsgordel  in acht nemen.

Veiligheidsgordels omgespen en instellen

  Principeweergave

De stoel instellen .

  • De rugleuning moet vrijwel rechtop staan.

    De veiligheidsgordel zonder rukken uit gordeldoorvoeropening trekken.

    Gordelslottong in het gordelslot laten vergrendelen.

  • De veiligheidsgordels van de bestuurders- en passagiersstoel worden zo nodig automatisch strakgetrokken, zie "Gordelaanpassing" .

    Indien nodig de veiligheidsgordel voor de borst omhoogtrekken, zodat de veiligheidsgordel strak tegen het lichaam aan ligt.

    De schoudergordel moet altijd over het midden van de schouder lopen. Indien nodig de gordeldoorvoeropening instellen.

    Hoger instellen: De gordeldoorvoeropening omhoogschuiven.

  • De gordeldoorvoeropening vergrendelt in verschillende posities.

    Lager instellen: Met de gordelgeleidingontgrendeling ingedrukt de gordeldoorvoeropening omlaagschuiven.

    In de gewenste positie de gordelgeleidingontgrendeling loslaten en controleren dat de gordeldoorvoeropening vergrendelt.

    Veiligheidsgordel afdoen

    Aanwijzing 

    De veiligheidsgordel moet volledig oprollen; dit controleren. Anders kunnen de veiligheidsgordel of de gordelslottong in het portier of het stoelmechanisme bekneld raken. Hierdoor kunnen het portier, de portierbekleding en de veiligheidsgordel worden beschadigd. Beschadigde veiligheidsgordels kunnen niet meer hun beschermende werking uitvoeren en moeten worden vervangen. Naar een gekwalificeerde werkplaats gaan.

    De ontgrendelingsknop in het gordelslot indrukken, de gordelslottong vasthouden en de veiligheidsgordel teruggeleiden.   
      Zie ook:

      Toyota Aygo. Controlelampjes
      De controlelampjes informeren de bestuurder over de bedrijfsstatus van de verschillende systemen van de auto. Schakeladviesindicator Controlelampje richtingaanwijzers ...

      Hyundai i10. Ventilator snelheidsregelaar
      Alleen als het contact aan staat werkt de ventilator. Met de ventilator snelheidsregelaar kan de snelheid van de luchtstroom worden ingesteld. Om de snelheid te veranderen, draai de knop na ...

      KIA Picanto. Benzinetank in de motorruimte (flexfuelvoertuig, voor Brazilië en Paraguay)
      Als u een FFV (flexfuelvoertuig) hebt, moet u het laten nakijken en moet er benzine in de tank zitten om te kunnen starten met een koude motor bij lage buitentemperatuur (lager dan 20 ºC) ...

    • Modellen: