Hyundai i10: Systeembediening - Handmatig bediende klimaatregeling (indien van toepassing) - Kenmerken van uw voertuig - Hyundai i10 - InstructieboekjeHyundai i10: Systeembediening

Ventilatie

1. Zet de selectieknop op de positie.

2. Zet de luchtinname schakelaar naar de buitenlucht (fris) positie.

3. Zet het klimaatbeheersingsysteem naar de gewenste positie.

4. Zet de ventilator op de gewenste snelheid.

Verwarming

1. Zet de selectieknop op de positie.

2. Zet de luchtinname schakelaar naar de buitenlucht (fris) positie.

3. Zet het klimaatbeheersingsysteem naar de gewenste positie.

4. Zet de ventilator op de gewenste snelheid.

5. Als droge lucht is gewenst, schakel dan het airconditioningsysteem (indien van toepassing) aan.

- Indien de ramen beslaan, zet dan de selectieknop naar de , positie.

Bedieningstips

Airconditioning (indien van toepassing)

Alle HYUNDAI Airconditioningsystemen zijn gevuld met milieuvriendelijk R-134a koelmiddel.

1. Start de motor. Schakel de airconditioning in.

2. Zet de selectieknop op de positie.

3. Zet de luchtinname schakelaar naar de recirculatiestand. Een langdurige werking van de gerecirculeerde luchtpositie zal achter overdreven droge lucht veroorzaken. Verander in dat geval de luchtpositie.

4. Stel de ventilatie snelheid in en kies de juiste temperatuur voor uw maximale comfort.

- Wanneer maximale koeling is gewenst, zet dan de temperatuurinstelling naar de uiterst links, zet de luchtinname op recirculatie en de ventilatorsnelheid op de hoogste snelheid.

AANDACHT

Aircosysteem bedieningstips

Zie ook:

KIA Picanto. Motorruimte
Expansievat koelvloeistof Expansievat koelvloeistof Vuldop motorolie Rem- /koppelingsvloeistofreservoir Luchtfilter Luchtfilter Zekeringkast Minpool accu Pluspool accu Peilstok ...

Mercedes-Benz A-Klasse. Inleiding
Het ECO start-stopsysteem zorgt er bij het stoppen van de auto onder bepaalde omstandigheden voor dat de motor automatisch afslaat. Voor opnieuw wegrijden start de motor automatisch ...

Hyundai i10. Band wegcontact
Het band wegcontact kan verminderen indien gereden wordt op versleten banden, banden met een onjuiste spanning of op slipperige wegoppervlakten. Banden moeten vervangen worden wanneer de slijtage ...

Modellen: